De sauna, zoals wij die nu kennen, is geen Nederlandse uitvinding. Die eer komt toe aan de Finnen. De oorspronkelijke betekenis van het Finse woord sauna is “kuil”. Als we over sauna spreken kan dit twee betekenissen hebben: de saunacabine of het saunabedrijf, tegenwoordig ook wel thermen genoemd, wat weer afgeleid is van het Griekse woord Therme. De Therme was in de Griekse oudheid badhuis, sportschool en kroeg tegelijk. Juist omdat de Therme zo’n duidelijke kombinatie was van verschillende commerciële aktiviteiten, mag men de Therme beschouwen als een belangrijke voorloper van het moderne commerciële saunabad.

Vanuit Finland is de opmars van de sauna in Europa opnieuw begonnen. Bij de Olympische spelen in 1936 brachten de Finnen hun eigen sauna mee. De resultaten van de Finnen bij deze spelen waren opmerkelijk goed. In de publiciteit werden die successen in direct verband gebracht met het gebruik van de sauna.

Kon men vroeger volstaan met een kabine om op te warmen en koud water om af te koelen, tegenwoordig biedt het moderne saunabedrijf een scala aan mogelijkheden, zoals zwembaden, whirlpools, kruiden baden en diverse soorten kabines en stoombaden, zonnebanken, massage- en schoonheidssalonnen. Daarnaast is er bij de meeste sauna’s naast de stille rustruimte, royale gelegenheid om gezellig te zitten, te drinken en te eten (soms zelfs te dineren). Kortom de moderne sauna is een plaats waar naast het spel van warm en koud ook ruime aandacht is voor het sociale contact en de gezelligheid.

De Nederlandse Sauna Vereniging, waarbij ruim 50 openbare saunabedrijven in ons land zijn aangesloten, staat al meer dan 25 jaar op de bres voor het bevorderen van de goede naam van de sauna in Nederland. Door onder meer opleiding van toekomstige sauna-exploitanten en hun personeel, alsmede in- en externe voorlichting spant de vereniging zich in de sauna in Nederland aan haar voornaamste doel te laten beantwoorden: In een gezonde sfeer een stuk lichamelijke en geestelijke ontspanning te geven door een juist gebruik van de mogelijkheden die de sauna biedt.

Het saunabad is niet alleen het opwarmen in de hete kabine, het is een spel van afwisselend opwarmen, afkoelen en rusten. Maar geen spel zonder spelregels. Het saunabad is een nauwkeurig voorgeschreven ritueel. De Nederlandse Sauna Vereniging heeft die spelregels vastgelegd in het “Badreglement”.
De “routing” is als volgt:

  1. Toilet – Het is aan te bevelen eerst gebruik te maken van het toilet. Dit voorkomt dat u tijdens het saunagebruik uw cyclus moet onderbreken.
  2. Douchen – Voordat u de saunakabine ingaat neemt u een warme douche, ook al hebt u eerder op de dag die hygiëni sche handeling thuis al verricht. Het is onder meer het tonen van respect voor uw mede- saunagangers: totale reinheid.
  3. Afdrogen – Hoewel u na een paar minuten weer nat zult zijn van het zweet is het toch van belang dat het douchen wordt gevolgd door een grondige afdroogbeurt. De handdoek die u daarvoor gebruikt moet bij voorkeur niet dezelfde zijn die u gebruikt in de saunakabine.
  4. Warm voetenbad – In iedere goede sauna vindt u een warm voetenbad. Voordat u de kabine ingaat warmt u daarin uw voeten gedurende een paar minuten. Door de voetzoolreflex wordt uw lichaam voorverwarmd en versneld op tempera tuur gebracht.
  5. In de kabine – In de saunakabine (die altijd van hout is) ligt de temperatuur tussen de 50 C (onderin) tot omstreeks 100 C (helemaal bovenin). Op de onderste bank is het dus minder heet dan op de bovenste (meestal zijn er in de wat grotere saunakabines drie banken op verschillende hoogtes). Probeert u eerst wat u zelf het lekkerst vindt. Vindt u zitten prettiger dan liggen (of is er geen gelegenheid om te liggen) laat dan wel het hele lichaam op dezelfde hoogte, dus trek uw voeten op, op zitvlakhoogte. Het lichaam wordt dan gelijkelijk verwarmd. Al naar gelang uw reactie kan de eerst saunagang 8 tot 12 minuten duren. Maak van die minuten geen al te groot probleem. U vindt snel genoeg uit wat voor uw lichaam het prettigst is. Waar u wel aan moet denken is dat u een royaal badlaken meeneemt in de kabine, want of u nu zit of ligt, het is wel de bedoeling dat uw hele lichaam zich op het badlaken bevindt, zodat uw zweet niet op het hout komt maar op uw badlaken.
  6. Afkoelen – Nu u in de kabine zoveel warmte hebt opgeslagen (hoofdzakelijk in uw huid) moet u door goede afkoeling die warmte geleidelijk aan weer kwijt raken. Ook hiervoor moet u de tijd nemen. U begint met een hap frisse lucht in de buitenlucht. Zowel zomers als ‘s winters is het aan te bevelen om even een flinke portie zuurstof binnen te krijgen. Daarna begint het verdere afkoelen van het lichaam. Er zijn daarvoor diverse mogelijkheden in een goede sauna: de waterslang, de koude douche en daarna het dompelbad.
  7. Weer in het voetenbad – Voor de tweede keer maakt u nu gebruik van het warme voetenbad. Dat bevordert de doorstroming van uw bloed en voorkomt dat u na de afkoeling koud blijft.
  8. Rusten – Uw lichaam heeft na al deze gezonde inspanning wel even rust nodig. Daarvoor is tenminste 15 minuten rusten in de daarvoor bestemde ruimte zeker zo belangrijk als het voorgaande. U heeft tijdens het verblijf in de saunakabine vocht verloren: tijdens uw rustpauze kunt u dit weer aanvullen met een drankje.